
Tekst: Hans van der Ham – verslaggever AD.
Foto’s: Mel Boas
Verouderd, lelijk en soms zelfs defect. Honden en katten worden in Dierentehuis Zeist met alle liefde opgevangen, maar de omgeving waarin het gebeurt, heeft dringend een facelift nodig. Het goede nieuws is: die gaat er ook komen.
Garfield is een lieve rode kat van 3 jaar oud. Haar baasje heeft haar in juni om niet nader te noemen redenen ingeleverd bij Dierentehuis Zeist (DTZ). Als het huisdier iemand ziet, springt ze enthousiast tegen de tralies van haar kennel omhoog.

Sneu verhaal, maar Garfield heeft het niet slecht. Net zo min als alle andere ruim driehonderd dieren uit Zeist en omgeving die jaarlijks aan de Woudenbergseweg verblijven: zwervers, honden en katten die zijn afgestaan, wekelijkse pensiondieren en onregelmatige vakantiegasten. Ze krijgen eten en drinken, er zijn verzorgers, trainers en knuffelaars, en ook de kennels zijn prima, alleen wat verouderd en sober.
Aapje in Zeist
DTZ bestaat al sinds 1953 en ooit verbleven er ook andere dieren, vertelt bestuurslid Peter Jutte (71), al meer dan een kwart eeuw vrijwilliger. „Maar dat was voor mijn tijd. Er woonde een varken en er waren ook knaagdieren.” En een aapje, vult Catelijne van der Meer (51) aan. Zij werft sinds kort fondsen voor de verbouwing.
Jutte heeft facilitaire zaken in zijn portefeuille. Dus ook hij is bezig met de veranderingen die eraan komen, maar de afgelopen jaren was hij tevens de handige Harrie die bijna dagelijks bij DTZ repareerde wat kapotging: verstopte afvoeren, lekkende kranen, defecte kennels en kapotte daken.
Bij de start was het tehuis ultramodern en haalde daarmee zelfs het Polygoonjournaal. Sinds die tijd is er echter niet gemoderniseerd. Jutte: „De plannen daarvoor liggen er al langer, maar toen liet de KNVB in 2020 weten dat ze naast ons met vier voetbalvelden gingen uitbreiden. Alsof het al in kannen en kruiken was. Onze verbouwing ging on hold.”
Heel veel kittens
Inmiddels is er duidelijkheid. De KNVB breidt uit, maar wel op eigen terrein. DTZ kan verder met haar eigen plannen. Om te laten zien hoe hard het nodig is slalommen Jutte en Van der Meer door de oude gebouwtjes met honden maar vooral héél veel katten.
Het is hoogseizoen, zegt laatstgenoemde. „Kortgeleden hadden we bijna veertig kittens in huis. Op zich is de doorstroming naar nieuwe baasjes op orde, maar in de zomer gaat dat toch wat langzamer.”
Wat gaat er gebeuren? Het witte entreegebouw blijft staan en wordt opgeknapt, de rest gaat plat en daarvoor komen vijf nieuwe panden met houtskeletbouw terug. Het gaat een klein jaar duren en het kost 3,5 tot 4 miljoen euro. Jutte: „Deels betalen we het zelf, maar we zijn ook in onderhandeling met de gemeente over een bijdrage.”
En er is een golftoernooi in september, vertelt Van der Meer. Deze en andere acties moeten een miljoen euro opbrengen. Voor inrichting, groene daken en tuinen, speelweides, warmtepompen en zonnepanelen. Van der Meer: „Maar alleen met acties redden we het niet, ook het aanvragen van fondsen is noodzakelijk.”
Draaischijftelefoon
De veranderingen zijn hard nodig, getuige de wat ad hoc opgehangen gordijnen die de zon uit de hokken moeten houden. Jutte kan trouwens niet rechtop staan in de tochtige gang bij de kennels, waar in de winter de warmte zo naar buiten vliegt. In het gebouwtje verderop hangt bijna symbolisch nog een bakelieten draaischijftelefoon aan de muur.
Het is duidelijk: laat de verbouwing na de jaarwisseling maar beginnen. Kat Garfield gaat dat zeker niet meer meemaken. Zij verhuist binnenkort naar een nieuw thuis. Maar zeven betaalde krachten, meer dan honderd vrijwilligers en al die andere dieren zullen er blij mee zijn.